Gevliegstraald

Zeewolde-Elburg 29 april 2010

Wat een heerlijk weer vandaag. Wat een mooie bollenvelden in de Flevopolder. En wat een ongelooflijke TERINGVLIEGJES langs het Veluwemeer.

Ik was zo heerlijk aan het fietsen. Wind mee, voor de tweede keer dit jaar kort-kort, niks aan het handje. Tot Zeewolde. Ik draaide het dorp uit, het dijkje op en PAF: één grote vliegjeswolk.

En dan heb ik het niet over een páár vliegjes. Nee. Het waren er miljoenen. Miljarden. Een hele zee aan vliegjes. Ze troffen me overal. Vliegjes in m’n ogen, neus, oren, mond, helm. Ze vlogen massaal tegen mijn borst en bleven daar kleven.

De ruimte tussen mijn broek en het zadel vulde zich met vliegjes, die stierven en verwerden tot een groene vliegenprak op mijn witte zadel. De vliegjes vlogen met z’n allen tegen mijn handen aan, bleven plakken tussen mijn vingers en zorgden voor vliegenpasta op mijn mooie witte stuurlintje. De vliegjes kropen in in m’n sokken en tussen het klittenband van m’n schoenen. Met z’n duizenden tegelijk ketsten ze tegen mijn benen en armen.

Ik werd gevliegstraald.

Met m’n hoofd tussen m’n schouders en m’n mond stijf dicht tuurde ik tussen mijn wimpers door naar de straat waarop ik reed. Weg hier! Zo snel mogelijk uit die vliegjes invasie!

Maar het Veluwemeer is lang. Dertig kilometer van Zeewolde naar Elburg. Bij Harderwijk had ik nog even hoop dat er daar minder vliegjes zouden zijn. Ik had beter moeten weten toen ik dacht: wat wordt het opeens bewolkt. Dat waren geen wolken. Dat waren vliegjes tot de macht tien.

Waar kwamen ze ineens vandaan? Goed, bij water zijn op warme dagen vaak vliegjes (daarom heten die dagen ook 'vliegjesdagen'), maar meestal beperkt zich dat tot een paar wolken waar je even doorheen moet.

Vandaag was het übervliegjesdag. Hypermegavliegjesdag. Teringvliegjesdag.

Eén geluk: morgen zijn ze allemaal dood. Stomme eendagsvliegjes. Dat zal ze leren.

Marijn de Vries

(marijndevries.nl)

Ogenblik a.u.b. ...