Trans Alp 2012 Frank & Leon

(Een fotoverslag is te zien in het fotoalbum)


Transalp, 7e etappe van Trento naar Arco
30 juni 2012
105 km, 2250 hm, 3:29:00


The day after.
Na een korte nacht begeven we ons al weer vroeg naar't ontbijt. Strompelend op krukken trekt Leon behoorlijk de aandacht van alle wielrenners in het hotel. We blijken naast het Grinta! Grandfondo topduo Kristof (cyclowereldkampioen) en Bart te zitten. Ervaringen worden uitgewisseld. Hoewel de wedstrijdleiding probeert de weg autovrij te houden tot 45 min na de eerste renner, kan ze geen garantie geven. De auto was duidelijk van zijn weghelft afgeweken en wij waren dat ook. Of we niet zouden moeten proberen de automobilist aansprakelijk te stellen? In Nederland zijn fietsers behoorlijk beschermd, hoe is dat in Italie? Wat is de financiele schade? De ziektekosten worden vergoed. De schade aan de fiets valt te overzien, tenzij de klap op de trapper het titaniumframe (trapas)heeft ontwricht. Kristof zijn vrouw Miriam begeleidt het duo. Zij rijdt met de auto naar een afgesproken punt om de bidonnen af te geven en daarna door naar de finish in Arco. We vragen of er nog een plek vrij is in de auto, en Leon wordt direct uitgenodigd om mee te rijden. De fiets van Leon gaat met de organisatie mee naar Arco.

En zo fiets ik achter Bart en Kristof naar de start. Zij plannen het strak. Hebben keurig op de rollerbank ingefietst, en staan 8:50 voorin het startvak. Ik heb in overleg met Leon besloten om de Transalp uit te fietsen, als tourrit, want wedstrijd heeft geen zin en kan ik ook niet opbrengen. Zodoende start ik relaxed achter in vak 1. Verschillende nederlandse fietsers komen op me af. Het is niet onopgemerkt gebleven dat wij gisteren niet gefinisht waren. En enkelen hadden ons aan de kant zien staan met een ziekenwagen en waren zeer geschrokken.
De start is dwars door de historische smalle binnenstad straatjes. We gaan richting de 1e klim. Met 29 graden mag je het warm noemen en ik verheug me niet op zwaar klimwerk. De benen voelen vermoeid en zijn tot niets in staat. Dat merk ik al wanneer op't vlakke de zaak op een lint wordt getrokken en ik in 200e positie naar adem moet happen. De klim loopt van 200 hm naar 1500 hm. Meefietsend met mannen en vrouwen die normaal 10 a 15 minuten achter me eindigen moet ik nog flink doortrappen om bij te blijven. Eindelijk boven aangekomen parkeer ik de fiets naast de drank- en voedingspost en doe me tegoed aan sinaasappel, ananas en repen. Het valt me op dat de meesten nauwelijks tijd nemen voor een stop. Ook in het midden van het peloton is het knokken voor elke plek en gaar men tot het uiterste om enkele seconden te winnen. Niks rustig meetouren. Ook in de afdaling moet ik flink bijtrappen, en dan nog komen er groepen van achteren overheen. In de kortere klimmen die richting finish volgen merk ik wel enig krachtsverschil omhoog. Ik hoef gelukkig niet tot het uiterste te gaan, zoals dat de andere etappes het geval is geweest. Arco komt beneden mij in beeld. Na een snelle afdaling volgt de finishmat en is't uitfietsen naar de feestelijke finishbinnenkomst waar de fotograven klaar staan om de duo's vast te leggen. Gek om daar in je uppie doorheen te gaan. Ik rij snel naar de sinas, cola, meloen, persik en taart. Daarna staan er al snel enkele wielrenners naast me die aangeven dat Leon vlak bij op het terras zit. Hij heeft zich goed vermaakt met Grinta, en zelfs even achter mij gereden. Het is heerlijk weer en gezellig. Veel tijd is er niet. Ik ga onze fietsen inleveren voor het transport naar Mittenwald. En op zoek naar de shuttlebus die ons naar't hotel kan brengen. Zo komen we daar op tijd aan en op bed naar de proloog van de Tour kijken. Daarna een taxi naar de laatste pasta party. Met een heerlijke grote bak italiaanse ijs sluiten we af en weten vervolgens in ons hotel nog een bak patat te scoren. Ons avontuur zit er bijna op. Morgen naar huis. Jammer dat het laatste stukje van de Transalp zo is gelopen, maar we kunnen terugkijken op 6 mooie dagen, waarin we op hoog niveau hebben gekoerst. Hierbij goed hebben samengewerkt. In goede hotels, goed weer, mooie omgeving en een goede organisatie en sfeer. Fysiek was het zeer zwaar. Mijn virusinfectie heb ik niet onder controle kunnen krijgen en heeft me energie gekost. Met deze Transalp sluit ik een intensieve wedstrijdperiode in cyclocircuit af.

++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

6e etappe TransAlp van Grappa naar Trento.
De dag van de val

Hoe 1 bocht en 1 auto in de afdaling naar de finish onze Transalp abrupt voortijdig beeindigd.
Het was vandaag de langste etappe met 145 km. Na een voorspoedig eerste deel van de koers waren we aangekomen op de laatste klim, waarin 1300 hm overbrugt moest worden.
Leon was sterk vandaag, want onze strategie dat hij iets sneller start en langzamer eindigt, waardoor we gelijk boven komen werkte niet. Ik liep te weinig in en toen ik zag dat hij de waterpost voorbij reed ipv te stoppen verloor ik't vertrouwen en moest de groep waar ik in zat laten gaan. Leon moest me helpen met het laatste stukje. Ik roep en even later fietst Leon mopperend naast me. Enig duwwerk was nodig. Gelukkig bleken we er bijna te zijn en konden aan de afdaling beginnen in de hoop weer bij te komen. Maar dat valt tegen, want na een korte afdaling komen we op lange vlakke stukken met wind.
We beseffen dat't niet gaat lukken om bij te komen en besluiten door te fietsen om het tijdsverlies zo beperkt mogelijk te houden. Aftellen: nog 30 km, nog 25 km, nog 20 km, en toen dus die bocht. Ik reed voor en kon uitwijking. Leon niet meer en klapte over de motorkap tegen de spiegel op het asfalt. Hij staat al weer voor ik er bij ben. Wat is de schade? Ik zie een schaafwond op het linkerbeen. De linkerschoen is uitgegaan. De fiets lijkt heel, maar er zit een grote slag in't achterwiel in de trapper is ontzet. Snel is er een marchal van de organisatie ter plekke. De autobestuurder belt 112. Leon voelt aan knie en enkel en weet dat't niet goed zit. Zitten maar en wachten op het rescueteam van de organisatie. Die zijn er ook snel en vlot daarna een ambulance. Het besef dringt door dat onze Transalp hier ophoudt. Geen dagklassering, geen 7e plaats in de einduitslag. We komen in de molen van politie en ziekenhuis. Voor we het door hebben lopen er diverse mensen rond ons. Het is warm. Leon mag zich niet meer bewegen en een harde plastic plank wordt op de grond gelegd, een nekbracelet omgedaan. Tamelijk onprofessioneel overigens. Hij wordt op een brancard gehezen en geheel vastgesnoerd. Inmiddels zijn we 45 minuten verder en de zon brand. Is het mogelijk een beetje tempo te maken en Leon naar het ziekenhuis in Trento af te voeren. Er wordt door iedereen druk getelefoneerd, maar verder gebeurd er weinig. Het rescue-team legt een NaCl oplossing infuus aan. Inderdaad wel handig want Leon ligt te zweten op het asfalt. Eindelijk; ze weten waar Leon heen kan, Trento; hij kan de ambulance in en vertrekken. In tussentijd heb ik zijn fiets al op transport naar Trento gezet. Diverse Transalp-renners passeren ons en zien Leon als dood ingesnoerd op de brancard liggen . De politie is er nog niet, maar komt ongeveer na een uur met loeiende sirens aanzetten. Het gaat allemaal zeer inefficient, en ik besef dat't nog wel even duurt voor ik naar Trento kan. Wat de politie allemaal doet is me onduidelijk. Een rapport opmaken? De schuldvraag analyseren? Ze maken veel stampij over het ontbreken van de fiets als bewijsmateriaal. Of die weer uit Trento kan worden opgehaald? Ze bellen met de organisatie, schijnbaar niet met veel resultaat. Ik ben naast de bestuurder de enige mogelijke getuige, maar heb het ongeluk niet gezien. Ik leg uit dat de auto vanuit onze weghelft naar de zijne de bocht instuurde en Leon heeft geschept op het midden van de weg. Na het verstrekken van nog wat persoonlijke gegevens kan ik eindelijk vertrekken. Twee uur heeft't geduurd. Snel naar Trento met mijn fiets, het hotel zoeken en Leon in't ziekenhuis opzoeken. Het is al einde middag voor ik daar aankom. Een groot ziekenhuis, waar de weg vinden onmogelijk is. Wanneer ik Leon eindelijk gevonden heb, zit ie in een rolstoel op de gang te wachten op de diagnose. Het ziekenhuis maakt zich zorgen over de betaling. Ik zoek contact met de ziekteverzekeraar en SOS international, met het uiteindelijk resultaat dat we ter plekke moeten betalen..
Inmiddels zijn foto's genomen die geen breuken laten zien. Het zijn dus de banden, pezen en aanhechtingen die gescheurd zijn.
Met een beenbracelet voor de rechterknie en een strakke kous om de enkel mag Leon vertrekken. Gelukkig. Gauw een paar krukken gekocht en een taxi geregeld en Leon op transport naar hotel gezet. Zelf weer op de fiets op zoek naar iets eetbaars voor ons.
We eindigen de dag tamelijk laat op het balkon van onze hotelkamer, met uitzicht op Trento, aan de pizza en bier. Tjonge, wat hebben we vandaag allemaal meegemaakt. Jammer van de Transalp, maar het ongeluk had veel slechter kunnen aflopen.
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

5e etappe van Falcade naar Crespano del Grappa

127,9 km, 2860 hm, 4:34:00, max snelheid 86,2 km/uur, 7e dagklassement, 7e alg klassement.

Weer een dag van extremen. In de ochtend sta je op Passo de Pellegrino (1900 hm) nog te koukleumen, wanneer je een half uur staat te wachten op de shuttlebus naar Falcade.
Begin van de middag daal je de Monte Grappa af om in een sauna van 32 graden terecht te komen.

Het is de 5e dag en het lijkt of we al een maand bezig zijn, zo intensief. Elke dag een andere omgeving, elke dag zo hard mogelijk fietsen, zo veel mogelijk eten en proberen wat te rusten, zodat de benen en de rest van het lichaam de volgende dag weer zo optimaal mogelijk aan de start staat.
Dat valt niet mee. Door alle inspanningen heeft de virus in neus en keel helaas weer aan kracht gewonnen. Ik hoest als een blaffende hond, en verlies onderweg een halve liter snot. Paracetamol helpt tegen de ontstekingspijn.
Gelukkig lijkt mijn fietsprestatie er nog niet te veel onder te lijden. Leon en ik fietsen hard en behoorlijk gelijkwaardig.
We voelen elkaar steeds beter aan. En ook buiten het fietsen is het gezellig samen.

Hoe verliep de wedstrijd?
Direct na de start moest er 900 m geklommen worden. Niet een rustige start dus. Vol, vol en vol. Leon gaat de 1e 500 m met de kop mee, maar realiseert zich gelukkig snel dat dit een ander niveau is. Ik hap naar zuurstof, maar weet langzaam Leon weer in te halen. Samen gaan we door. Bovenop liggen we goed in't veld. Afdalen gaat rap en direct volgt de 2 klim, die gelukkig een stukje minder steil is. Dat ligt Leon goed en ik zit strak in zijn wiel. Boven is't zaak in een goede groep te zitten, want er volgt een lange afdaling en een stuk vlak. Leon haakt mooi aan en ik tap 2 bidonnen water en zet de achtervolging in. Binnen 10 km zat ik er weer bij. Met 10 man en 1 vrouw (de finse klimprof Pia Sundstedt) komen we beneden. En daar valt het helaas stil. Naar de voet van de Monte Grappa is nog 25 km. We voelen'm aankomen, een groep achtervolgers strijkt op ons neer, met uiteraard onze Nederlandse vriendjes Jacques en Marcel. Die rijden op't vlakke gewoon 50 km/uur. En ze weten weg te rijden uit de grote groep. Niemand reageert.

Eindelijk komen we aan bij de gevreesde klim Monte Grappa, van 300 hm naar bijna 1700 hm, met vooral in't begin, maar ook aan't eind steile stukken.
Leon heeft als strategie om in het begin een stukje bij me weg te fietsen en dat dan de 2e helft weer in te leveren. Ik kreeg in het begin geen goed ritme en zag een behoorlijk gat met Leon ontstaan. De twijfel slaat toe: ga ik instorten? Het is warm, nog maar wat drinken dan. Na een paar km lijk ik er toch weer wat bovenop te komen, en kan mijn positie vasthouden. Leon is uit zicht, maar dit moet ik gaan redden.
De 1e dame zit in mijn wiel. Blijkbaar heeft ze adem over, want ze babbelt er lustig op los tegen een canadees naast haar. Wellicht zien we haar in Londen nog terug, want ze gebruikt de Transalp als voorbereiding. Klimmen kan ze in ieder geval goed. Met nog een 5 km te gaan naar de top, vlakt't wat af en ik weet uit de groep weg te rijden, naar wat mannen er voor (incl Jacques en Marcel) en er voorbij te gaan. Leon komt in zicht. Met nog een 150 hm te gaan kom ik langszij. Hoe is't mogelijk dat we zo gelijk boven komen. Met een groep op 100 m achter ons storten we ons in een adembenemende en gevaarlijke afdaling. Wat een bochten, er kwam geen einde aan. Een jonge belg halen we in, die in een bocht bijna onderuit gaat en zijn achterwiel tegen de vangrail aan parkeert. Wij gaan veilig en strak door, Leon zo veel mogelijk in mijn slipstream. Waar blijft de groep?
Die komt dus niet. We dalen gewoon te snel. Beneden nog 5 km licht omhoog met een beetje wind tegen. Gaan! De hele dag is mijn hartslag niet boven de 155 geweest en nu ineens 160. Ik voel een kans om op enkele concurrenten nog wat tijd te winnen. Leon moet nog even recupereren van de afdaling en mijn benen beginnen leeg te raken. Dan zie ik plots 2 man aankomen. Niet weer he! Jacques en Marcel hebben het echt op ons gemunt. Ze komen in het wiel en na even te hebben gerust gaat Jacques vol door. Ik probeer zijn wiel te pakken, maar hou dat niet vol. Er valt een gaatje, Marcel springt achter mij vandaan en de heren pakken in de laatste km nog 20 seconden.
Gelukkig, we zijn er. Vocht, veel vocht is nodig om het tekort weer aan te vullen. We hebben goed gereden. Kon eigenlijk niet beter. We hebben een plekje gewonnen in het algemeen klassement, van 8 naar 7. Geen van onze concurrenten heeft vandaag pech gehad, maar enkele andere deelnemers zijn vooral in die laatste afdaling onderuit gegaan. Zo ook de finse dame, met een grote schaafwond op haar been.
Nog 2 etappes te gaan, aftellen dus. Morgen hitte en de langste etappe van bijna 150 km.

Maar eerst alle rumoer van de wedstrijd Duitsland-Italie overleven. Wat een herrie. Het kan niet anders of Italie gaat winnen.

++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

4e etappe van St. Vigil naar Falcade

108 km, 2439 km, 3:41:06, 6e plek, 8e overall, max snelheid 92,1 km/uur.

Er was na gisteren wat goed te maken. We zaten na ons tijdsverlies behoorlijk in een dip. Ons zelfvertrouwen wankelde. Zijn we wel goed genoeg voor een top 10? We waren moe, de benen deden pijn en we hadden moeite om zin te maken in de volgende dag. Waar weer stevige klimmen in het verschiet liggen. Leon begint ook verkoudheidsverschijnselen te vertonen en bij mij zitten de ontsteking nog diep in de keel en de neus.
Gelukkig was't een prima hotel en goed eten. Dus we herpakken ons en staan keurig weer op tijd in het voorste startvak voor de tocht door de Dolomieten, met de Gardena en passo Sella (2234 hm). Bekend van de Dolomietenmarathon, maar dan in tegengestelde richting. Na een korte afdaling gaat't licht omhoog naar Corvara. Lekker infietsen is van korte duur, want er wordt aan getrokken. Het breekt en we zitten in de 1e groep met een mannetje of 70. De klim begint niet steil, we zitten een beetje achterin, maar hebben een goed ritme en't gaat hard genoeg. We fietsen enige tijd met de 2 nederlanders Jacques en Marcel, die ons elke dag nog in de afdaling of vlakke slotkm's hebben ingehaald. Ook dit maal zal dat het geval zijn. Na de Gardena zitten we met 3 man in de Sella klim. In de klim bevindt zich de bevoorrading en ik vul een bidon voor Leon. Een gaatje van 100 m inhalen kost aardig wat energie. We duiken de afdaling in. Leon daalt keurig voor me; hij heeft zijn zelfvertrouwen terug met twee reservewielen van de organisatie. Met z'n 5e beginnen we aan de klim van de Passo Fedaia (2054 hm). Hij loopt lekker, de vermoeidheid lijkt weg te zijn uit de benen. Hartslag 155 per minuut is mooi. Bovenaan hebben we 2 man vlak voor ons en 2 achter ons. Met een lange afdaling geen slecht startpunt. We vliegen naar beneden en wederom boek ik een snelheidsrecord van boven de 90 km/hr. Desondanks weet een groep van 6 man nog aan te haken, waaronder ook weer Jacques en Marcel. We beginnen aan de laatste km's, die lopen omhoog. De 4 nederlanders fietsen weg bij de rest. Ik denk: een kleine 300 m omhoog en zie in de verte al een bordje Falcade. Het wordt even vlak en ik trek stevig door met een hartslag van boven de 160 pm. Waar is de finish? Oeps is dat een muur waar we tegenop moeten? Blijkt dat we nog 150 hoogtemeters moeten overbruggen. Ik val even stil van de schrik. Maar weet me met steun van Leon te herpakken en uiteindelijk de finish te bereiken. Yes: dit is een goede dag geweest. Goede zaken gedaan. Tevreden blikken we terug. Alles ging goed vandaag. Statistisch logisch want gister hadden we genoeg pech voor een hele week. Na genoten te hebben van de sfeer en het goede weer wilden we graag naar ons hotel. Dat bleek met een 'shuttel bus' nog een hele toer. Koste ons 2 uur om 10 km en 700 hm naar Passo san Pellegrino te overbruggen. Onze fiets blijft achter in de Bike park. Vanavond geen pasta party in Falcade, maar een restaurant met wat gezellige duitse fietsers die ook in ons hotel zitten.
De benen voelen goed en het vertrouwen is terug. We heffen het glas Weissbier op de goede afloop van de dag. Hopelijk lukt het ons morgen tijdig terug te komen in Falcade voor de start van wederom een zware rit.

++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

De dag van de pech en terugval
3e etappe van Brixen naar St.Vigel
82 km, 2857 hm, 3:41:30, 17e dagplek, 8e alg klassement.


Het is 19:00 en Leon staat al dik 2 uur in de rij voor de reparatiewagen. Ook zijn voorwiel heeft't vandaag begeven. Fietsen kon wel, maar remmen niet. Het gebeurde in de afdaling van de 1e klim op 25 km. En dan is't nog bijna 60 km naar de finish. Bovendien reed Leon in die afdaling ook nog lek.
Terwijl we in de klim zo ons best hadden gedaan en in een mooie groep de afdaling begonnen. En Leon ook goed afdaalde.
Het leek dus mogelijk om in goed gezelschap ook wat vlakke km's te kunnen maken. Het was ons niet gegund.
Vanaf de start was het direct omhoog. We stonden op de 2e rij voorin, en voelden ons haast gelijk aan de toppers naast ons. Mijn benen echter waren dat zeker niet. En ik kon al snel de 1e en daarna ook de 2e groep niet bijhouden. Ondanks vermoeidheid wel hoge hartslag en ademfrequentie. Temporiseren dus. De 1e klim kenmerkt zich door smal en zeer steil. In mijn lichtste verzet is 't lastig om de stukken met 15% door te komen. De laatste km's zijn gelukkig weer goed te doen en we komen keurig voor een groepje boven. Tijd om de bidons vol te gooien. En dan de afdaling.
Daar stonden we dan, terwijl de ene groep na de ander ons passeerde. Leon had een CO2-patroon, maar was de gebruiksaanwijzing vergeten. Pompen met dat minipompje dus. En de tijd tikt door.
We dalen verder af, voorzichtig. En proberen de draad weer een beetje op te pakken. We pikken wat verdwaalde achtergebleven renners op, en komen gelijk met de nrs 2 en 3 van de mix bij de laatste klim. Die gaat echt niet makkelijk zeg. De fut is uit de benen en het hoofd. We persen ons omhoog en weten nauwelijks meer koppels in te halen. Het is niet anders. Dit is niet onze dag. Nog 5 km afdalen naar de finish, met een slakkegang. En bij de finish een drukte, die wij niet gewend zijn. We zijn laat.
Lang blijven we niet. Snel naar het hotel. Dat is top (waar voor je geld). De omgeving is dat ook. Met de tas en fiets op de kamer even de benen strekken op bed. Oeps..die hebben het weer niet makkelijk gehad. We analyseren ons verlies en constateren dat een plek bij de eerste 5 onhaalbaar is, en dat we ook achteruit moeten kijken. Nummer 9 zit dicht op ons. Maar als we morgen rijden zoals we dat horen te doen, dan komt het vast wel goed.
Om 17:00 staat Leon in de rij voor de reparatiewagen. Na 2 uur wachten is een ander wiel het resultaat. Intussen heb ik een lasagne en kip voor'm gehaald. Daarna snel naar het hotel waar een 3 gangenmenu op ons wacht. Te weinig eten doen we niet.

+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

2e etappe van Solden naar Brixen
121 km, 2851 hm, 4:18:05, Masters 7e plek.

Een dag van extremen

Hoe gaat dat ook al weer met 'as is verbrande turf'? In onze evaluatie van de dag overheerst het 'als...dan...'. Als we de aansluiting bij een groep in de afdaling van Timmelsjoch niet hadden verloren dan hadden we samen met die groep de Jaufenpass kunnen beklimmen. Als we die kleine 50 m naar die 4 man waarop we inliepen vlak voor de top van de Jaufenpass hadden overbrugd, dan hadden we samen naar de finish kunnen rijden.
Als we op dat vlakke stuk gewoon hadden gewacht op achtervolgers, dan hadden we die groep, die ons 5 km voor de finish inhaalde, op dat slotklimmetje niet hoeven laten gaan.
Feit is dat we vandaag 'een jasje uitgedaan' hebben. 
Feit is dat we goed klimmen, redelijk gelijkwaardig: Leon in begin beter en ik aan eind. We hoeven elkaar weinig te duwen. We doen wat klimmen betreft niet onder aan de nrs 3 t/m 6.
Feit is dat we matig afdalen en daardoor net de aansluiting verliezen en onvoldoende power hebben om het gaatje weer te dichten. In de opvolgende vlakke stukken worden we ingelopen door achtervolgende groepen en bedankt voor alle moeite.

De dag begon in de regen. De lange afdaling van de Timmelsjoch (2500 naar 700 hm) was nat. In finishplaats Brixen scheen gelukkig de zon, en kan alles weer drogen. Maar voor we daar aankwamen moest er gefietst worden. Volle bak vanaf de start. De Timmelsjoch is geen vervelende klim, maar als je tegen max aanfietst is ie niet echt fijn. We zitten kort op de voorsten. Weten er zelfs nog een paar op te vegen. Het laatste stuk is even harken, maar we zitten in goed gezelschap. Regenjackie weer dicht en op de natte weg naar beneden. Het gaat net te snel en als we beneden weer links omhoog naar de Jaufenpass draaien zien we de groep 100 m voor ons. We focussen op de mannen voor ons en proberen een ritme te vinden. Leon heeft water nodig. Het is droog geworden en warm. We halen 2 man bij, maar dan komt een fase waarin ik het moeilijk krijg. De nrs 3 van Scott team komen ons voorbij, te snel om aan te haken. Drinken en eten en ons geheime wapen, muziek van v.Buren, lekker hard vanuit mijn mobiel. Ik krijg de geest weer en nu is het de beurt aan Leon om af te zien.
De focus is weer naar voren. Achter ons is het leeg. Ik wil graag 4 man opvegen en samen afdalen. Helaas lukt dat net niet meer. Beneden in het dal constateren we dat er 1 persoon in de verte voor ons fietst. Tja..nog bijna 40 km. Maar achter ons is ook niets. Gaan dus maar. Leon moet nog herstellen, en na een paar km's raakt het beste er bij me af. Samen gaan we door. Tot ik na 10 km 2 man achter me zie. Gelukkig, zo kan er meer snelheid in komen en mijn benen beginnen echt leeg te raken.
Nog 5 km en een grote groep met de Nederlanders Jacques en Marcel komen over ons heen. Het resultaat is bekend.
Overigens mooie aankomst in de historische binnenstad van Brixen.

+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
1e etappe Mittenwald-Solden
116 km, 3:41:39, 2350 hm, 8e bij Masters

De dag van het windjackie en het snelheidsrecord.

We liggen op ons bed te recupereren van de 1e etappe. De kop is er af en we weten waar we staan. Bij de Masters zijn 2 koppels onbereikbaar. De rest zit dicht bij elkaar. Bovenop de Kuhtai, de klim waar het vandaag, zoals eigenlijk wel verwacht, om ging, zaten we samen met nrs 3, 4 en 5 bij de Masters. In de afdaling verloor Leon de aansluiting vanwege een windjackie dat achterste voren zat. Beneden in Oetz was het gat dik een minuut. Leon blijkt ook problemen te hebben met remmen. Ik keerde om en pikte Leon op, maar we konden samen het gat niet meer dichtrijden en verloren 4 minuten in 30 km. De achteropkomende groep, met het 1e mixkoppel!, bevatte ook 2 Masters, die samen met ons finishten. Een 8e plek dus. Met vooruitzicht op verbetering. Als wij van deze rit voldoende herstellen tenminste. Het winnende duo vandaag zijn de Duitsers Hornetz en Weiss. Met een buitenaards gat op ons van 17 minuten.


Na een lange nacht (blij dat ie voorbij was) begon de dag met een strakblauwe lucht. Mijn hoofd voelde weer beter aan en ik kreeg er vertrouwen in dat de virus het niet van me ging winnen.
Nog wat paracetamol erin en gaan. De auto blijft achter op de parkeerplaats. Met nog 10 minuten te gaan vervoegen we ons in het 1e startvak. Ik wandel nog even naar voren langs al onze concurrenten en neem nog wat foto's. Nog 2 minuten, alle tijd, maar intussen wordt Leon behoorlijk nerveus en hij staat te springen dat ik terug moet komen.

Het startschot, we wensen elkaar succes in het avontuur dat Transalp heet. We gaan. Leon roept iets van volg mij maar, maar hij vergist zich in mijn behendigheid om in de nauwe straatjes naar voren te rijden. Voorin beginnen we aan de eerste klim 150 m omhoog. Er vallen geen gaten en we kunnen de volgende 20 km in een groeiend peloton voorin blijven. Dan nog 100 m omhoog, het breekt in stukken, en we storten ons in de afzink naar het Inntal. Dan een kleine 20 km waarin heel rustig wordt gereden en zo'n 150 man en vrouw aansluit. Aan de voet van de Kuhtai gaat het los. We zitten wederom voorin, maar een valpartij noodzaakt mij tot een stuurcorrectie en Leon achter mij tot vol remmen. Met enige vertraging gaan we verder. Nu wordt het spannend: Leon fiets makkelijk en ik zit er achter met hoge trapfrequentie en een hartslag die snel op en over het omslagpunt komt. Ik maak duidelijk dat niet harder gaat. De voorste groep met ca 20 koppels laten we gaan. De klim is zeer ongelijkmatig met vlakke stukken en bulten van 500 lang tot 16%. Hitte overvalt ons en Leon drinkt bijna 1 bidon per km. Ook bij mij druipt zweet van de neus. Maar ik ben in staat om door te gaan, weliswaar boven omslagpunt. Leon krijgt het moeilijker. Hij zit in mijn wiel maar laat wat gaatjes vallen. Ik (echte diesel) krijg het verzoek niet onregelmatig te versnellen. Met de hoogtemeter weet je precies hoever het nog is. Nog 200 hm, nog 100 hm en de weg vlakt af. Ik heb me gefocused op 2 koppels, waarmee ik graag de afdaling in wil. Terwijl Leon aan het hannesen is met z'n jackie omdat ie niet dweilnat naar beneden wil, geven ze gas met mij in het wiel. Het gevolg is bekend.

Een record: nooit eerder reed ik op de fiets 89,8 km/uur. Ik kan me niet herinneren waar't is geweest. Leon zat op 87,9 km/uur ook voor hem als lichtgewicht een record.


Bij de finish was het lekker zonnig en konden we snel de tekorten aanvullen. Leon had maar liefst 5 bidonnen gebruikt, maar was uitgedroogd. Ik kwam op 1,5 bidon.

Zo, nu op naar de pastamaaltijd. Maar eerst nog eens goed kijken naar Leon's achterwiel. Blijkt dat de lasnaad van de velg is losgegaan. Vervelend. Ander achterwiel dus. Gelukkig kan Rose Versand ons helpen aan een wiel. Wel iets zwaarder, dus Leon rijdt morgen met handicap.

Morgen direct klimmen naar de Timmelsjoch en dan Italie in.

      

*************************************************************************************************************************************************************

Mittenwald: 950 hm, Zuid Duitsland.

Dag 0. The final countdown.

De spanning neemt toe wanneer we aan de pasta zitten te luisteren naar alles wat de organisatie te vertellen heeft. Spanning, hoe het ons morgen op dag 1 naar Solden zal vergaan. Kunnen Leon en ik een beetje voorin blijven? Het deelnemersveld zal ca 1500 groot zijn met veel hele goeden. De Duitser Hornetz, winnaar van de 3 Ballons, doet mee en het topduo van het Belgische Grinta.
Aan onze voorbereiding zal het niet liggen. Spijtig dat een virusje mijn keel en neusholten te pakken heeft gekregen. Hopelijk heb ik daar met wat medicijnen morgen niet te veel last van. Gelukkig is het topweer. Ook vandaag. In de zon brand je compleet weg. Gisteren zijn Leon en ik in Mittenwald (DE) aangekomen, na een lange autorit van dik 9 uur, met nog wat omzwervingen dankzij onze Tom-Tom. Het pension is uitstekend, rustig gelegen naast een spoorlijn, met uitzicht op prachtige bergen. Vanmorgen gingen we een stukje parcours verkennen. Blij dat de start nog een dagje later is, want het valt niet mee. De benen en de kop willen nog niet echt meewerken. Na een 40 km strijken we neer bij de inschrijving. Je krijgt een tas voor je spullen, die dagelijks door de organisatie van hotel naar hotel wordt gebracht en een routeboek. Terug naar ons pension. Op bed alle tijd om te eten en na te denken over de strategie. Moeten we voorin of achterin het 1e startvak starten? Na 1 km vlak gaan we 3 km klimmen: gaat't daar definitief los of komt't in de vlakkere km's daarna weer bij elkaar? Waarschijnlijk toch het laatste, dus niet te hard starten, wanneer we ik daar uberhaupt toe in staat ben. Leon kan snel starten, maar zal zich moeten inhouden.
De Kutai is de klim van de dag. Ik ken hem van de Otztaler Radmaraton. Een stevige jongen van dik 2000 hoogte. Bovenop die berg zullen we weten waar we staan. Valt het mee? Valt het tegen?

Vanavond een beetje vroeg naar bed, met een paracetamol. En dan om 6:00 aan't ontbijt. Tot morgen.







Ogenblik a.u.b. ...