De 11 stedentocht 2005

            Om half drie ?s nachts gaat de wekker. Omdat ik tijdens het fietsen alleen maar vloeibare voeding tot me kan nemen probeer ik nog snel een paar boterhammen weg te werken. We zitten in de eerste startgroep en kunnen dus al om 5 uur starten. Het is nog aarde donker als we in Bolsward aankomen. Op de parkeerplaats staan al mensen hun fietsen van de auto af te halen. ?Gelukkig?, denk ik ?we zijn niet de enigste gekken?. Het is 6 ??C als we uit de auto stappen en besluiten om de schaatshandschoenen en schaatsmutsen maar op te zetten. Over onze wielerbroeken dragen we al onze schaatsbroeken, het is tenslotte de 11 stedentocht. De weersvoorspelling voor vandaag ziet er beroerd uit, vanuit het noorden zal de regen over het land trekken.

            Direct na de start wordt het al licht. We gaan met een zijwind op weg naar Harlingen. De eerste kilometers ben je bezig om tussen de diverse voertuigen door te manoeuvreren, krakende wagens, piepende bakfietsen en toerende oldtimers. Zelf word je ingehaald door gestroomlijnde bolides. Van Harlingen naar Holwerd rijden we voor de wind. Het gaat heerlijk, lekkere snelheid en soepele pedaalslag. Toen wist ik nog niet dat dit ons enigste stuk voor de wind zou zijn van de hele dag anders had ik daar nog meer van genoten.

            Even na acht uur ?s morgens rijden we door de controle bij Dokkum. Op het marktplein is het al een groot feest. Omdat de bewolking sterk toeneemt besluiten we om direct door te rijden zodat we het grootste gedeelte van de tocht afgelegd hebben nu het nog droog is. Lichamelijk heb ik nog geen pijn behalve dat mijn nek en schouders wat gevoelig worden. De interne dialogen met mezelf beginnen al wel net als het gevecht tegen de wind. Soms vinden wij aansluiting bij een groep en soms vind een groep aansluiting bij ons. Als er zich een groep vormt en je rijdt voorop dan ben je de lul. Er wordt absoluut niet overgenomen. Dit verbaast ons ten zeerste maar het is een feit. Ook van andere mensen die de tocht al een aantal jaren rijden, horen we dat er altijd mensen plakken die gewoon nooit de kop overnemen. Hier moeten we ons dus maar bij neerleggen want anders gaat er teveel nodeloze energie verloren.

            Tijdens mijn interne dialoog (of is het een monoloog?) vraag ik me wel af; ?Waarom mannen toch altijd in een groep renners hun neus leeg moeten snuiten?? Ik ben er ook nu tijdens een rit van 240 kilometer weer niet achter gekomen waarom mannen dit wel doen en vrouwen niet.

            Rond 12 uur zijn we terug in Bolsward. We hebben er 140 kilometer opzitten en behalve mijn gevecht met de wind gaat alles goed. Ik probeer wat te eten maar zo?n sportreep is echt niets voor mij. Ik krijg het niet weg. Gelukkig heb ik voldoende zakjes Herbalife voeding mee waarmee ik mijn volgende shake maak en weer op weg kan. De Friezen om ons heen verzekeren ons dat we de laatste 30 kilometer van de tocht nog de wind in de rug zullen krijgen. Dit blijkt een desillusie. Het laatste stuk waar we nu aan beginnen is nog 100 kilometer wind tegen. Gelukkig weet ik dat op dit moment nog niet. Ik heb wat moeite met de opstap na deze stop en mijn benen hebben even de tijd nodig om weer in het ritme te komen. Vanaf 160 kilometer ga ik mijn lijf voelen. Mijn nek en schouders doen zeer. We komen nu op de dijk naar Stavoren. De wind weer volop tegen en helaas begint het nu te regenen. Bij ongeveer 180 kilometer krijg ik mentaal de klap. Ik zoek telkens naar een afslag op die dijk om toch eindelijk aan dat stuk te beginnen waar we wind in de rug zullen krijgen. Eindelijk zie ik rechts een afslag en voor me zie ik geen renners meer dus gaan we eindelijk eraf? BOEM!! De man met de hamer. We gaan niet van de dijk af. Het feit dat ik geen renners meer zie, komt omdat we een stuk naar beneden gaan en dan links de dijk gewoon vervolgen. Ik piep, kreun en steun. We besluiten om even te stoppen en wat te eten, ik zit er echt even finaal doorheen.

            Terwijl we onze tocht op de laatste 60 kilometers vervolgen begint het harder te regenen en ook harder te waaien. Of lijkt het nu alleen dat de wind opsteekt tot stormkracht omdat mijn benen gewoon niet meer willen? Bij iedere pedaalslag kijk ik alweer uit naar de volgende kerktoren want daar moet je stempelen en we moeten nog 4 stempels. Mijn snelheid is eruit ik lijk wel een toerist alleen met het verschil dat ik niet meer geniet van mijn omgeving en alleen nog maar een monoloog afsteek tegen die k... wind. Telkens probeer ik weer het wiel van Nico te pakken en telkens wordt ik er weer bij de volgende bocht afgeblazen door die orkaan. Ik heb niets meer aan het op de trainingen geleerde uit de wind rijden hij komt gewoon overal vandaan.

            Uiteindelijk rijden we om 4 uur ?s middags de straten in van Bolsward en raad eens? Ja hoor, de laatste 3 meters rijden we met de wind in de rug over de finish. We hebben het gehaald. Was het leuk? Ja, tot 180 kilometer vond ik het leuk daarna heb ik een mentaal gevecht geleverd en uiteindelijk gewonnen!

            ?s Avonds om acht uur lig ik uitgeteld op de bank en zet nieuwsgierig het journaal aan om te kijken welke schade de orkaan van vandaag heeft aangericht. Tot mijn verbazing is er niets over in het nieuws. Ben ik wel op dezelfde planeet geweest vandaag?

[Mary van Roden]


Ogenblik a.u.b. ...